Skip to content

(Huis)spitsmuis

Algemeen
Alhoewel spitsmuizen uiterlijk wel wat van de huismuis (Mus musculus Linnaeus) weghebben, zijn zij er totaal niet aan verwant. Huismuizen behoren tot de orde der knaagdieren (Rodentia), terwijl de spitsmuizen tot de orde der insecteneters (Insektivora) behoren.

De het meest in huis voorkomende soort is de huisspitsmuis (Crocidura russula Hermann}. Verder komen in Nederland o.a. de dwergspitsmuis, bosspitsmuis en veldspitsmuis voor. Spitsmuizen hebben een sterk glanzende vacht en zijn meestal grijs tot grijsbruin van kleur met een wat lichtere buik, maar ook donker gekleurde exemplaren komen voor.

Typerend voor spitsmuizen is de spits toelopende kop met een ver vooruitstekende snuit, bijna een soort slurfje. Het gebit van spitsmuizen is heel anders dan dat van de echte muizen; in plaats van knaagtanden hebben ze sterk gepunte, sikkelvormige snijtanden en scherpe kiezen, geschikt om insectenpantsers te vermalen.

De mannetjes hebben aan de zijkant van het lichaam een sterk ruikende muskusklier die als een donkere vlek zichtbaar is. Spitsmuizen worden, afhankelijk van de soort, 5 tot 9 cm. lang en hebben een volledig behaarde staart.

Leefwijze
Spitsmuizen zijn vlugge, beweeglijke diertjes die, met tussenpozen, zowel overdag als ’s nachts actief zijn. Door hun hoge metabolisme en in verhouding grote lichaamsoppervlakte verbranden zij opgenomen voedsel zeer snel en moeten ze vrijwel voortdurend eten om in leven te blijven. Ze voeden zich hoofdzakelijk met kleine, ongewervelde dieren zoals insecten en insectenlarven, wormen, slakken, spinnen en soms ook met kleine gewervelde dieren bijv. jonge muizen.

Door de grote hoeveelheden insecten en andere schadelijke dieren die ze dagelijks verorberen zijn spitsmuizen voor de mens zéér nuttige dieren. Spitsmuizen leven meestal in zelf gegraven holen, maar maken ook wel gebruik van oude muizen- of mollengangen. Ze geven de voorkeur aan een leefomgeving met een ruige vegetatie waar voor hen veel prooidieren en schuilplaatsen te vinden zijn. In strenge winters kunnen veel soorten, bij wijze van uitzondering, ook wel binnenshuis aangetroffen worden. Afhankelijk van de soort werpen spitsmuizen gemiddeld 2 tot 4 keer per jaar, 4 tot 6 jongen.

Schade
Hoewel spitsmuizen nuttige dieren zijn kunnen ze binnenshuis stank- en lawaaioverlast (hoog gepiep en lawaai boven plafonds) veroorzaken. Verder zorgen ze met hun urine en uitwerpselen voor vervuiling.

Wering/bestrijding
De beste methode om overlast door spitsmuizen te verhelpen is om alle openingen in de buitenmuren “muisdicht” (kleiner dan 0,5 cm.) te maken. Doordat spitsmuizen per dag ongeveer de helft van hun lichaamsgewicht moeten eten om te overleven, en niet lang zonder voedsel kunnen, zal de overlast dan snel verholpen zijn.